Veilig & Professioneel

De schipper draait de Slenk in. Het laatste stuk naar Terschelling is niet bezeild. De maat laat met de gasten de zeilen zakken. Na de voorzeilen en het grootzeil is de bezaan aan de beurt. Deel 19 uit een serie over de BBZ, waarin we vertellen hoe professionals werken aan veiligheid voor de passagiers van de beroepschartervaart.

De passagiers hebben hun instructies gekregen, de vallen worden losgemaakt van de pennenbank. Langzaam komt het zeil naar beneden, maar dan opeeens weerklinkt een gil. Nog geen seconde later boort de punt van de gaffel zich met een harde klap in het roefdak. Een scherpe deuk, maar niemand is geraakt.

Als de adrenaline wat is gezakt en het zeil geborgen, wenkt de schipper maat Ankie naar het achterdek. ‘Wat gebeurde er nou?’ Ankie heft haar handen ten hemel. Dan, zachtjes: ‘Toos. Weer Toos. Voor ik het kon voorkomen had ze de piekeval al losgemaakt en even later liet ze hem gewoon schieten. “Hij werd warm in mijn handen, daar schrok ik van.” Maar handschoenen wil ze niet en het ging ook helemaal niet hard genoeg om je handen te verbranden. “Hand over hand, nooit zomaar laten schieten.” Ik zeg het er bij elk zeil bij. Maar zij is Oost-Indisch doof voor aanwijzingen.’

Innemend

Toos is het type gast dat iedereen in no-time voor zich inneemt: een joviale single van bijna veertig met een lenig lijf en een radde tong. Altijd vrolijk en overal voor in.
Dat dat niet altijd uitkomt merkt de schipper al bij afvaart. Even eerder heeft hij met nadruk uitgelegd dat de gasten Ankie bij het af- en aanmeren vooral de ruimte moeten geven. Als hij gebaart dat de koplijn eraf mag, ziet hij Toos opeens naar voren stappen en de spring losmaken. Ankie heeft net haar handen vol aan de koplijn en kan niet voorkomen dat Toos haar ding doet. Met moeite weet Ankie daarna de spring nog van de bolder op de wal los te werpen.
Wat later moet de grootzeilschoot aangetrokken worden. Tegen alle instructies in springt Toos op en begint vóór het blok te trekken. Even later verdwijnen twee vingers tussen de schijven. ‘Stop!!!’ schreeuwt Ankie. Toos komt met de schrik vrij.
Als er op hoger wal aangelegd wordt, staat Toos weer met haar neus vooraan. Terwijl Ankie met de spring afstopt loopt Toos om haar heen en gooit de koplijn op de wal. ‘Wat doe je nou!? Ik zei toch dat je overal af moest blijven?!’ ‘Ja, maar die meneer op de wal gebaarde dat hij die andere lijn wel vast kon opvangen.’ Het schip is dan ook al een wrijfhout kwijt. Toos liet het lijntje schieten, nadat ze ontdekte dat ze geen knoop kende waarmee ze het op de reling vast kon zetten.

Gevaarlijk enthousiasme

Accident-prone noemen de Britten zo iemand die een bijna magische aantrekkingskracht op ongelukken heeft. Toos lijkt het oermodel waar deze typering op gebaseerd is. Al na twee dagen zijn de schipper en zijn maat wanhopig bezig met damage control.
Dat lukt maar slecht. Door haar hyperactieve enthousiasme staat Toos bij alle zeilhandelingen vooraan. Ze vindt het geweldig aan boord en heeft Ankie al helemaal leeggetrokken over hoe ze zelf maat op zo’n schip zou kunnen worden. Ook op de andere gasten werkt haar enthousiasme aanstekelijk. De schipper vaart met individuele gasten, die elkaar niet kennen en elk voor zich hebben ingetekend op de zeilweek. Toos is aantrekkelijk, aanrakerig en praatgraag, en mengt zich met gemak in ieder gezelschap.
De vallende gaffel doet voor de schipper echter de deur dicht. Hij moet nu met maatregelen komen, maar dan toch liefst zonder iemand voor het hoofd te stoten. Hij raadpleegt Ankie: ‘Wie van de gasten heeft door dat Toos’ enthousiasme langzamerhand gevaarlijk aan het worden is? Heeft iemand zich daarover uitgelaten?’
Ankie knikt: ‘Ella, Tim en Karel zeker. Karel snapt zelfs niet dat we haar niet gewoonweg meer verbieden. En Irma heeft het ook wel door.’ ‘Wil je die vier vragen om als we aan de wal liggen en de meesten van boord zijn in de roef te komen?’

Alliantie

Als de vier zich samen met Ankie in de roef melden legt de schipper zijn probleem uit: ‘Toos’ enthousiasme leidt te vaak tot gevaarlijke situaties, zoals we vanmiddag hebben gezien. Maar verbieden snapt ze niet en ik wil haar plezier in het varen ook niet bederven. Ik wil daarom jullie hulp inroepen. Zouden jullie bij situaties waar Toos malheur kan veroorzaken haar bezig willen houden, zodat ze geen gevaarlijke acties kan ondernemen?’
De vier hebben wel lol in zo’n alliance de sécurité en beloven hun medewerking. De rest van de week verloopt vlekkeloos. Zodra er manoeuvres dreigen, nemen ze Toos in de sociale sandwich en laten haar niet ontsnappen voordat alle riskante handelingen voorbij zijn. Al snel doen andere gasten die het spel doorkrijgen mee en nog een dag later zit iedereen in de samenzwering. Taken worden stilletjes grijnzend vooraf verdeeld, het zeilen verloopt nu als een geoliede machine.
Bij het afscheid krijgen de schipper en de maat dikke zoenen van Toos. ‘In het begin vond ik jullie nogal streng,’ bekent ze, ‘maar dat is helemaal bijgetrokken. Ik heb een geweldige week gehad!’